Jan van Borssum Buisman

 

Jan Hendrik van Borssum Buisman (1919-2012) werd geboren op 9 maart 1919 in het Fundatiehuis van Teylers Museum. Hij was de jongste van de drie kinderen van kastelein-conservator Hendrik van Borssum Buisman en Jeanette Sleeswijk. Halverwege zijn middelbare schooljaren overleed zijn moeder aan een ziekte. Na zijn examen HBS-B in Haarlem koos hij in 1939 voor een studie bouwkunde in Delft. Al na korte tijd begon hij daarnaast ook aan een opleiding beeldhouwkunde bij

Oscar Wenckebach die ook hoogleraar aan de Technische Hogeschool was.

 

Na de sluiting van de Hogeschool in 1941 raakte hij betrokken bij het studentenverzet. In het begin van het volgende jaar vluchtte hij via Belgie en Frankrijk naar Zwitserland, waar hij zich na een tijd van internering aansloot bij de inlichtingendienst De Zwitserse Weg onder leiding van Ds W.A.Visser ‘t Hooft in Genève. In deze functie zorgde hij voor communicatie op sociaal-politiek gebied tussen de Nederlandse regering in Engeland en inlichtingengroepen in bezet Nederland.

In Genève zette hij zijn opleiding in de beeldhouwkunst voort bij Henri Pȃquet (1897-1975) en in tekenen en kunsthistorie aan de Académie des arts appliqués in Genève.

Na de geallieerde invasie in Frankrijk sloot van Borssum Buisman zich als vrijwilliger aan bij de Britse legereenheid in Zeeland.

Als lid van de stafcompagnie en legerjournalist maakte hij de bevrijding daar mee. Ook maakte hij enige tijd deel uit van het bezettingsleger in Duitsland.

 

Terug in Nederland hervatte hij zijn studie in Delft, nu sterk met het accent op beeldhouwkunst,  bij Oscar Wenckebach.  In die tijd was hij student-lid van het Comite Nationaal Monument.

Op aanraden van zijn opleider zette hij zijn studie in de jaren 1947-48 voort in Parijs aan de Ecole Nationale Superieur des beaux arts, met als docenten Marcel Gaumont (1880-1962) en Georges Saupique (1889-1961). Hij ontwikkelde in deze tijd in zijn beeldhouwwerk nieuwe stijlelementen, met een aanzet naar strakkere vormen tot enig kubisme. Voorbeelden hiervan zijn Don Quichotte en later een aantal reliefs op gebouwen. Ook maakte hij tekeningen en schilderijen, in meer traditioneel figuratieve stijl.

 

In 1948 werd hij assistent-conservator bij Teylers Museum. Na het overlijden van zijn vader Hendrik nam hij ook diens functie van kastelein over. Hij ging daarmee weer wonen in zijn geboortehuis.

In 1967 voegde zich daar zijn levensgezellin bij, Teus van den Berg-Been, collega-beeldhouwster.

In 1973 volgde hij Prof Dr J.A van Regteren Altena op als conservator.

Naast zijn werk bij Teylers Museum bleef hij actief als beeldhouwer. Hij ging zich daarbij toeleggen op het maken van portretten, geboetseerd en zo mogelijk gegoten in brons.

 

Na zijn hernieuwde vestiging in Haarlem werd Jan van Borssum Buisman een actief lid van kunstgezelschappen als De groep en Societeit Teisterbant. Ook nam hij intensief deel aan het Haarlemse  sociale leven.

Na zijn pensionering bij Teylers Museum bleef van Borssum Buisman op het terrein van het museum wonen, nu in een huis met atelier aan de Bakenessergracht.

In zijn latere jaren leed hij aan longsilicose door steenstof uit het verleden. Toch bereikte hij de hoge leeftijd van 92 jaar. 

Hij overleed op 23 februari 2012.

 

Aanvullende informatie: zie publicaties en wikipedia